De 10 gouden regels voor het buitenrijden:

1.       Je bent gast: volg de aanwijzingen van de gastheer op

2.       Maak gebruik van de voor jou bestemde wegen

3.       Fiets- of voetpaden zijn er alleen voor fietsers of wandelaars

4.       Jonge aanplant moet bos worden; rijd er niet doorheen

5.       Laat je paard niet grazen en ook niet knabbelen aan struik of boom

6.       Houd altijd zoveel mogelijk rekening met andere recreanten

7.       Moet je wandelaars passeren, doe dat dan in stap

8.       Ook ruiters en aanspanningen passeer je in stap

9.       Een  goede ruiter rookt niet: brandgevaar!

10.    Wees er voortdurend op attent dat een paard een eigen reactie heeft

 

Nog een paar tips:

  • Rijd geconcentreerd, let op signalen van je paard en van ander verkeer, draag geen walkman of iPod, rook niet, draag passende ruiterkleding

  • Ruiters en menners moeten zich altijd aan de verkeersregels houden, op de openbare weg zijn ruiters en menners bestuurders

  • Maak je paard geleidelijk aan vertrouwd met ongewone situaties in je eigen omgeving (Tractors, vrachtwagens)

  • Rij in de berm van de weg, behalve als daar een verbod geldt.

  • Geef richting aan door je hand uit te steken.

  • Steek met een groep zoveel mogelijk tegelijk een weg over, dus allen tegelijk naast elkaar.

  • Draag verlichting en reflecterend materiaal in het donker of bij onvoldoende zicht.

  • Vraag bestuurders van grote voertuigen langzamer te rijden door je arm langzaam op en neer te bewegen, let op signalen van je  paard en van ander verkeer.

  • Onderschat nooit de kracht, het gewicht en de karaktereigenschappen van paard of pony.

  • Draag een veiligheidshelm. Je hoofd is zeer kwetsbaar.